Na een informatie- en kaderraad waarin onze fractie voor het landschap is gaan staan, bleek donderdag 7 december tijdens de besluitvormende raad een meerderheid voor te stemmen om windmolentjes in heel het buitengebied van Borsele toe te staan. Zij het met een hele trits mitsen en maren, die het de ondernemer niet makkelijk zullen maken. Onze fractie zag de verjaardagsverhalen van ondernemers die in Borsele een molentje willen plaatsen al voor zich. Durf dan gewoon ‘nee’ te zeggen, vonden wij.

Het belangrijkste argument van onze fractie om tegen het voorstel te stemmen is verrommeling van het buitengebied. Juist op dit thema willen we stappen zetten, want er komt heel wat op Borsele af. Onze fractie heeft tijdens de verkiezingen beloofd zich hiervoor maximaal in te zetten en neemt daarin een behoorlijk principieel standpunt in. Dat is volgens ons ook nodig om geloofwaardig te blijven. We willen immers wat bereiken! De gemeente is met verschillende partijen in gesprek om verrommeling tegen te gaan en groene buffers rondom de Sloedorpen uit te breiden. Wij vinden het niet fair om dan zelf wel ruim baan te geven aan verrommeling, ook al staat dat misschien niet altijd in verhouding tot wat andere partijen met het landschap willen, zoals het plaatsen van elektriciteitsmasten. Ook richting de Borselse voorwaardengroep en inwoners van het dorp Borssele hebben we onlangs nog beloofd om voor de natuur en het landschap te gaan staan, dus dat proberen we te doen!

Enerzijds snappen we de kansen die het biedt voor individuele ondernemers, maar toch hebben we gekozen voor het bredere belang en om onze positie, als het gaat om verrommeling tegen te gaan, sterk neer te zetten. We vonden het dan ook jammer dat we opnieuw alleen de VVD aan onze zijde vonden. Al de overige fracties gingen stuk voor stuk  -al dan niet schoorvoetend- akkoord. Dat schoorvoetende leidde ertoe dat er een hele trits mitsen en maren aan het toestaan van een windmolentje gekoppeld worden. Zo moet eerst het dak maximaal vol gelegd worden met zonnepanelen. Ook moet de ondernemer een energieplan indienen waarin hij nut en noodzaak voor eigen gebruik aankondigt. En de molen dient landschappelijk goed ingepast te worden.

Met de afbouw van de salderingsregeling voor zonnepanelen die op komst is wordt het maximaal vol leggen van een dak economisch een stuk minder aantrekkelijk. En het plaatsen van schaamgroen rond een molentje zal het rendement van de wind niet doen toenemen. Bovendien dient de molen afgeschakeld te worden wanneer de ondernemer de stroom niet zelf kan gebruiken en sprake is van netcongestie. Of deze voorwaarde ook juridisch houdbaar is, vragen we ons overigens af. Sowieso is het maar de vraag of de regionale netbeheerder Stedin ruimte heeft op het net om extra aansluitingen te maken voor molentjes. Zoals bekend kampen een flink aantal Zeeuwse ondernemers met de onmogelijkheid van uitbreiding of nieuwe aansluitingen. Ook daarom vindt onze fractie het onverstandig ruimte te geven voor nog meer aansluitopties die netcongestie in de hand werken.

Dergelijke molentjes van 21 meter tiphoogte kunnen voor een individuele ondernemer misschien nog interessant zijn, al ligt de terugverdientijd meestal boven de 10 jaar. Momenteel hebben tijdens deze raadsperiode (2022-2026) 4 agrarisch ondernemers te kennen gegeven dat ze interesse hebben in het plaatsen van een molentje. Het is onbekend hoeveel het er worden. In het grotere geheel van de energietransitie dragen ze niet significant bij. Zo’n 200-250 kleine molentjes staan gelijk aan één grote windmolen, zoals er 58 in het Sloegebied staan. Maximaal kan 46.000kWh per jaar worden opgewekt. Dat is het verbruik van amper 10 gezinnen. De maximale CO2 reductie bedraagt bij deze maximale opwek slechts 17 ton per jaar en dat is net zoveel als 2 personen uitstoten. Ook dat is dus voor ons geen argument om voor te stemmen.

Onze fractie zal de ontwikkelingen met belangstelling volgen en ziet de evaluatie in 2025 tegemoet.